Meer over Thema's

De wedergeboorte

De wedergeboorte

Je weet misschien dat het onderwerp ‘de wedergeboorte’ door Jezus aan de orde wordt gesteld in Zijn gesprek met Nicodemus.

De gesprekspartner van Jezus is een soort dominee. Hij neemt Gods Woord heel serieus en begint zijn gesprek met Jezus heel hoffelijk: “Rabbi, wij weten, dat U als Leraar bent gekomen van God.” Hoe weet hij dit? Hij vervolgt: “Want niemand kan deze wondertekenen doen, die U doet, als God niet met hem is.”

Jezus reageert niet bepaald volgens de regels van beleefdheid, door te zeggen: “Amen, amen zeg Ik u: als iemand niet wedergeboren wordt, dan kan hij het Koninkrijk van God niet zien.”

Dus wedergeboren worden is nodig om bij Gods gemeente te horen. Al was Nicodemus een nazaat van Abraham, hij hoorde niet bij het volk van God. Al had hij op de achtste dag het verbondsteken van de besnijdenis ontvangen, hij hoorde niet bij de gemeente van Jezus Christus.

Geen wonder, dat Nicodemus hier geschokt op reageert. Hij snapt niet precies waar het over gaat, maar duidelijk is wel dat hij er met heel zijn godsdienst buiten wordt geplaatst.

Hoe kan Nicodemus dan wél bij Gods volk gaan horen? Door de wedergeboorte. En wie kan dit bewerkstelligen? Jezus vertelt het hem erbij: de Heilige Geest.

Dus dát is de feitelijke toestand: hij/jij hoort niet bij de gelukkigen. En zichzelf/jezelf erbij plaatsen lukt ook niet. Hij is / jij bent afhankelijk van Gods Geest.

Wat nu?

Jezus vertelt verder over de koperen slang in de tijd van Mozes. Hij vergelijkt Zichzelf daarmee en zegt: “Zoals Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet de Zoon des mensen verhoogd worden.” Met welk doel? Jezus vervolgt: “Opdat een ieder die in Hem gelooft, niet zal verderven, maar het eeuwige leven zal hebben.”

Dus Jezus vertelt jou, dat het geloof in Hem van het eeuwige verderf redt. Hij zegt jou, dat je los van Hem het verderf tegemoet reist.

In deze boodschap zit een oproep verpakt. Jezus zegt tegen Nicodemus en tegen jou en mij: “Geloof in Mij, stel je vertrouwen op Mij. Doe net als de Israëlieten in de woestijn: kijk naar Mij. Ik laat Mij verhogen, dat is kruisigen, om je zalig te maken!”

Daarom roep ik jou in deze brief op: kniel neer voor Jezus en laat Hem jou verlossen! Laat Zijn Geest in je hart de wedergeboorte werken, tot je eeuwig behoud!

ds. W. Pieters