1 Petrus 5 | Onder Zijn hoede
Bij het lezen van de brieven uit het Nieuwe Testament komt het vaak voor dat een apostel zijn brief besluit met een aantal vermaningen en opwekkingen. Zo doet ook Petrus dit ook in zijn eerste zendbrief. Petrus wekt ons op om al je bekommernissen op de Heere te werpen, Hij wil voor je zorgen.
In het laatste hoofdstuk richt hij zich ook tot jonge mensen. Zij worden aangespoord om onderdanig te zijn. Trouwens iedereen, heel de gemeente krijgt de vermaning mee om niet hoogmoedig te zijn. ‘Wees met de ootmoedigheid bekleed.’ Wees nederig en dat onder de krachtige hand van God. In deze Bijbelstudie zullen wij dan ook vers 6 en 7 centraal gaan stellen.
De christenen aan wie Petrus zijn brief schrijft hebben het vermoedelijk helemaal niet gemakkelijk. Ze worden lastiggevallen om hun geloof. Er wordt op hen neergekeken door de heidenen. In één woord: het zijn verdrukte christenen.
Zolang wij als gelovigen hier op aarde zijn, hebben ook wij weinig rust. Ons is geen kalme reis beloofd. Maar wel een veilige aankomst in de haven van de rust.
Bijbellezen
Lees met elkaar: 1 Petrus 5.
Zingen
Zing met elkaar enkele van deze psalmen of liederen:
Lied 5: Als g' in nood gezeten en lied 141: Nooit kan 't geloof te veel verwachten
Startopdracht
Je kunt een keuze maken uit onderstaande opdrachten of maak verschillende groepen met elk hun eigen opdracht..
Opdracht 1: De 'Zware Rugzak'.
Doel: Duidelijk maken hoe vermoeiend het is om je eigen zorgen te dragen.
Nodig: Een stevige rugzak en een stapel zware stenen (of boeken).
Instructie: Laat een vrijwilliger de rugzak aantrekken. Vraag de groep naar voorbeelden van zorgen (schoolstress, eenzaamheid, ruzie thuis, onzekerheid). Bij elke zorg die genoemd wordt, stop je een zware steen in de rugzak. Laat de jongere een klein rondje lopen of wat kniebuigingen doen.
De boodschap: Vraag de jongere hoe het voelt. ‘Dit is hoe we vaak door het leven gaan.’ Laat hem/haar daarna de rugzak afdoen en bij een kruis of op een tafel leggen.
Link naar de Bijbel: ‘Werp al uw zorgen op Hem, want Hij zorgt voor u.’ (1 Petrus 5:7).
Opdracht 2: 'Oplosbaar Papier'.
Doel: Op een rustige, indrukwekkende manier om het proces van loslaten’ symboliseren.
Nodig: Oplosbaar papier (online te koop) of wc-papier, viltstiften en een grote kom met water.
Instructie: Geef iedereen een klein briefje. Vraag hen om in één woord of symbool een zorg op te schrijven die ze vandaag bij zich dragen. Laat hen één voor één naar de kom lopen en hun briefje in het water leggen.
Het effect: Het papier (en de tekst) verdwijnt vrijwel direct in het water.
De boodschap: Zodra je het uit handen geeft aan God, is het niet meer jouw last om alleen te dragen. Het lost niet altijd het probleem direct op, maar de zwaarte ervan mag je loslaten.
Opdracht 3: de 'Zorgen-Prop'.
Doel: Duidelijk maken dat je je zorgen op een Ander mag werpen (Deze opdracht werkt goed bij groepen die nog een beetje onrustig zijn en wat energie kwijt moeten.
Nodig: Voor iedereen een vel papier en een pen.
Instructie: Iedereen schrijft zijn zorgen op het papier. Maak er daarna een zo strak mogelijke prop van. Laat iedereen met de prop in zijn hand staan. Geef een signaal waarbij iedereen tegelijkertijd zijn prop naar het midden van de cirkel (of naar een mand) gooit.
De boodschap: Het geluid van alle proppen die landen is symbolisch. We doen dit niet alleen, we leggen het gezamenlijk neer.
Vervolg: Laat de proppen daar de rest van de bijeenkomst liggen. Ze hoeven niet meer opgeraapt te worden.
Na deze avond...
Weet je: dat je alles wat je bezighoudt, al is het nog zo klein in jouw ogen, bij God mag brengen.
Besef je: dat je alles in Zijn handen geven mag en dat je het niet alleen hoeft te doen.
Kun je: gemakkelijker omgaan met de moeiten van het leven.
Kerntekst
1 Petrus 5 vers 7: ‘Werpt al uw bekommernis op Hem, want Hij zorgt voor u.’
Vernedering, ootmoed en hoop
Lees eens mee in vers 7. Daar wijst Petrus de lezers van zijn brief erop dat er Een is Die voor hen zorgt. ‘Werp al uw bekommernis op Hem (de Heere), want Hij zorgt voor u.’
Letten we er vooral op, dat Petrus aan de woorden van onze tekst een hoofdzin vooraf laat gaan: ’vernedert u dan onder de krachtige hand van God.’ En eerst na die hoofdzin komt de bijzin met de tekstwoorden: ‘al uw bekommernis werpende op Hem’. Het komt niet tot een werpen van al onze bekommernis op God, als er niet eerst vernedering voor God aan vooraf is gegaan.
Een verklaarder van ons tekstgedeelte (Matthew Henri) schrijft: ’Ootmoedigheid is de grote bewaarster van vrede en orde in alle christelijke gemeenten en gezelschappen, terwijl hovaardij (hoogmoed) de voornaamste verstoorder daarvan is, en de oorzaak van de meeste onenigheden en breuken in de gemeente.’
‘Ootmoed’. Dan leveren we de wapens in en zijn we niet langer te groot om geholpen te worden. We leren het uit handen te geven. We weten ons in alle dingen – de grote en de kleine – op Gods genade alleen aangewezen.
De tekst van 1 Petrus 5 zegt niet: ‘Ga bij de pakken neerzitten; geef de moed maar op’. Deze tekst bevordert geen wanhoop. Ze zegt ook niet: ‘Zet al je zorgen aan de kant; leef onverschillig; trek je van niets en niemand wat aan; wees een luchthart en treurniet.’ De tekst bevordert geen onverschilligheid en overmoed.
Want juist als wij van Jezus geleerd hebben wat het is om zachtmoedig te zijn nederig van hart, zullen wij doen wat onze Meester in dit verband ons heeft voorgehouden, toen Hij zei: ‘Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast bent; en Ik zal u rust geven’ (Matth. 11: 28 en verder).
Gespreksvragen
- Wat zou Petrus bedoelen met het aansporen tot nederigheid en het opwerpen van alle zorgen op de Heere God?
- Hoe helpt het werpen van alle zorgen op de Heere God om standvastig te blijven in het geloof?
Leg je zorgen in de handen van God
De tekst van 1 Petrus 5:7 lezen we ook in het Oude Testament. Het is een tekst uit Psalm 55:23: ‘Werp uw zorg op de Heere en Hij zal u onderhouden’. Daarmee troost Petrus de verstrooide vreemdelingen, aan wie hij zijn brief schrijft.
Wat precies die bekommernis is geweest bij hen, aan wie Petrus schrijft kunnen we uit het tekstverband niet direct opmaken. Met het woord ‘bekommernis’ zal de verdrukkingen, de haat en vijandschap van de kant van de wereld om hen heen bedoeld zijn. De satan ging rond als een briesende leeuw. Die maakte het hen benauwd van alle kanten.
Het staat er in zijn algemeenheid. Niets uitgezonderd dus. Werp al je bekommernis op Hem: al je tobberijen, bezorgdheden, alles wat je kwelt en waarover je dagelijks loopt te piekeren, alles wat je benauwt. Is dat geen troost voor ons als gelovigen?
Als we jong zijn – in de lentetijd van het leven – merk je daar misschien nog niet veel van. Jullie fladderen van de ene uitdaging naar de andere en scrollen van de éne naar de andere reel. De toekomst ligt voor je. Ja, en toch kunnen we heel wat zorg en benauwdheid meemaken, ook als we nog heel jong zijn. Als we zestien jaar zijn en ons eenzaam voelen. Als we een vriend of vriendin moeten missen.
Als je oog en hart hebt gekregen voor Koning Jezus, staan er ook verdrukkingen voor de deur. Onbegrip van vrienden of collega’s waar je mee omgaat. Ze lachen je misschien in je gezicht uit als je voor de eer van Koning Jezus op komt. En komt dan juist de verzoeking niet om de hoek kijken om maar een beetje water bij de wijn te doen? Want wie wil er nu voor ouderwets en achterlijk versleten worden?!
Maar nu staat er in de tekst van 1 Petrus 5 iets heel verrassends. Bekommernis is iets waar jij en ik wat mee mogen en moeten doen. Werp al uw bekommernis op God, de Almachtige.
Spurgeon vertelt ergens van een man die met een zwaar pak op zijn schouders op weg was naar huis. Toen kwam daar een paard en wagen voorbij. ‘Wil je meerijden’, vroeg de voerman. ‘Zeker, heel graag’, antwoordde de wandelaar. ‘Stap maar op en ga naast mij op de bok zitten’, zei de voerman tegen de man. Dat deed hij. Na een minuut of tien, had de man echter nog steeds zijn zware pak op zijn rug. ‘Waarom legt u dat pak niet van u af? U hoeft het nu toch zelf niet meer te dragen?’, vroeg de voerman. Ach ja, daar had hij heel niet aan gedacht. De wagen onder hem zou zijn last gemakkelijker dragen dan hij dat had gedaan. Ja en zo houden wij vaak onze lasten het liefst op onze rug in plaats van ze neer te leggen op de wagen van Gods Woord.
Maar – om nog eens een ander beeld te gebruiken - als ik bij God mijn koffertje met al mijn zorgen heb uitgepakt, moet ik het niet onmiddellijk daarna weer inpakken en ermee naar huis gaan. Als ik met mijn problemen blijf rondlopen, worden ze hoe langer hoe groter. Maar als ik ze uit handen geef, in handen van de Heere, kan ik ze in Zijn kracht overwinnen. Echter… om dat te doen, moeten we geleerd hebben af te zien van onszelf.
Als je oog en hart voor Jezus, de Borg en Middelaar hebt gekregen, ga je dagelijks doen wat de tekst zegt: ‘Werp je bekommernis op Hem’. Maak Hem verantwoordelijk voor al je tobberijen. En als het dan je grootste zorg is geworden, hoe God aan Zijn eer komt in je leven, wel werp dan vooral ook die zorg op Jezus.
Werp dus al je bekommernis op Hem. Alle kommer en verdriet, welke het ook zij. Het doet er niet toe, welke. Doe het niet één keer. Doe het elke dag. Het staat er in de tegenwoordige tijd. Er is immers elke dag wel iets dat je dwarszit. Welnu, als de Heere God de drie jongelingen Sadrach, Mesach en Abednego uit de vuuroven wist te verlossen en voor hun broeder Daniël zelfs de mond van de leeuwen in de leeuwenkuil kon toesluiten, kan jij dan iets bedenken, dat je zo bedreigt en benauwt, dat de Heere er geen raad mee weet? Zeg maar eerbiedig: ‘Heere, Uw wil geschiede’ (Handelingen 21:14). ‘Wees in geen ding bezorgd; maar laat uw begeerten in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God’ (Filippenzen 4:6).
Gespreksvragen
- Welke rol speelt de duivel als een brullende leeuw in het leven van gelovigen en hoe weersta je hem?
- Petrus waarschuwt om waakzaam te zijn, omdat de duivel rondgaat als een briesende leeuw. Wat betekent het voor jou om geestelijk waakzaam te zijn?
- Hoe kun je standhouden in geloof als je onder druk staat?
Stellingen
- ‘God geeft je nooit meer lasten te dragen dan je aankunt.’ (1 Korintiërs 10:13).
- ‘Als je echt genoeg geloof hebt, zou je eigenlijk geen zorgen meer moeten hebben.’
Bidden
Suggesties om voor te bidden vanuit het Bijbelgedeelte of thema (bidden met de hand als geheugensteuntje):
- Duim (dichtstbij): Bid voor je familie en beste vrienden.
- Wijsvinger (richting): Bid voor leraren, coaches en de keuzes die je moet maken.
- Middelvinger (de langste): Bid voor de grote problemen in de wereld waar je je zorgen om maakt (oorlog, klimaat).
- Ringvinger (de zwakste): Bid voor mensen die ziek zijn of gepest worden.
- Pink (de kleinste): Bid voor jezelf en je eigen kleinste zorgen.
Slotopdracht
De 'Brief uit de toekomst' opdracht.
Doel: Deze opdracht helpt jongeren om met ootmoed naar hun huidige beproeving te kijken.
Nodig: Enveloppen, papier en pennen.
Instructie: Laat de jongeren een korte kaart aan zichzelf schrijven die ze over precies één maand mogen openen. Schrijf op wat je vandaag bij God hebt neergelegd. Eindig de kaart met de zin: 'Wat er ook gebeurd is de afgelopen maand, God is er nog steeds.’ Laat hen de envelop dichtplakken en hun eigen adres erop schrijven. Jij post de brieven over drie weken, of ze spreken een datum af waarop ze hem thuis openen.
Format voor de brief
Beste ik,
Op dit moment schrijf ik deze brief tijdens de avond van de jeugdvereniging over het neerleggen van zorgen. De zorg die op dit moment het zwaarst op mijn hart ligt is of zijn: …… [aanvullen].
Vanavond heb ik geleerd dat ik deze zorg niet alleen hoef te dragen. Daarom heb ik vandaag tegen de Heere God gezegd: …… [aanvullen].
Mijn gebed voor de komende maand is: Heere God, wilt U mij in de komende weken herinneren aan Uw rust wanneer ik weer begin te piekeren. Help me om ootmoedig te blijven: te erkennen dat ik het niet alleen kan, maar dat dat bij U juist mag.
Een tekst of gedachte die ik niet wil vergeten: …… [aanvullen] (Bijvoorbeeld: ‘Werp al je zorgen op Hem’ of ‘Ik ben erbij’).
Tot slot: Wat er de afgelopen maand ook is gebeurd en of die ene zorg nu weg is of niet: God is er nog steeds. Hij laat niet los wat Zijn hand is begonnen.
Begrippen
Bekommernis: een woord dat wij vandaag niet meer gebruiken. Maar we wellicht begrijpen wel. Met dit woord wordt alles aangegeven waarover een mens kan inzitten, dat is alles wat een mens benauwen kan.
Ootmoed: een woord dat we in het dagelijks leven bijna nooit meer gebruiken, maar de betekenis ervan is heel diep en mooi. Je kunt het het beste vertalen als "vrijwillige kleinheid" of "bescheidenheid uit liefde".
Kommer: Een ouderwets woord voor grote zorgen, ellende of een gebrek aan de basisdingen die je nodig hebt om gelukkig te zijn. Nu zouden we zeggen dat iemand in een 'toxic' situatie zit, enorme 'struggles' heeft of dat het leven even een totale 'L' (loss) is.